De regen komt met emmers uit de hemel. Ik zit geklemd achter het stuur, neus tegen de ruit. Wisser slaat wild. Eindelijk licht in de verte, het huis van mijn buurman. Zo’n uithoek aan de Zeeuwse kust, niks te bekennen. Fietsbel klingelt ver weg op de dijk, wind huilt. Ik toeter, deur zwaait open. Ik spring uit, sla deur dicht, ren. Dertig meter soppen, jasje doorweekt. Schoenen soppen, ik glijd uit op tegels.
Sterke armen grijpen me. Mijn gezicht plat tegen zachte trui. Warm, muskusgeur. Ik bloos, trek recht. Hoge hakken wiebelen, grijp kapstok. ‘Kun je dat nog eens doen?’ gromt diepe stem. Ik siss: ‘Geen denken aan.’ Maar dan kijk ik op. Twee meter Viking, brede schouders, kort baardje, blauw ogen, grijns. Ik stam: ‘Ik ben… eh, Lisa.’ ‘Tante’s pakketje zeker?’ Zijn oom is mijn baas. Ik knik, doorweekt.
De Regen en de Eerste Hete Blikken
Hij lacht: ‘Blijf niet staan, je druipt.’ Neus naar badkamer. ‘Douche, kleren achter panelen. Geen dameskleren, maar iets past.’ Ik protesteer, maar regen roffelt harder. Deur dicht, vergrendelen. Kleren uit, lingerie op radiator. Stroom heet water, jets masseren. Duits, oud, maar werkt. Aaah, over mijn tieten, buik, tussen benen. Hand glijdt, tepel hard. Denk aan zijn kont, breed. Vingers in natte kut, cirkels. Kom hard, benen slap. Water spoelt zweet weg.
Hij in keuken, chocola warmt. Hoort gestommel. Ik kom eruit, zwart oversized T-shirt tot knieën, riem erom. Haar droogt krullend. We zitten, mokken dampen. Blikken kruisen. Chocola op lip. Hij leunt, veegt met vinger. Elektriciteit. Lippen raken. Zacht eerst, dan hongerig. Tongen dansen.
Zijn hand op wang, nek, schouder. Shirt glijdt, tepel bloot. ‘Wacht…’ Ik trek bh-weg, bied tiet. Hij zuigt, bijt zacht. Kreun. Benen spreiden. Hand op dij, omhoog. ‘Weet je zeker?’ fluister ik. ‘Burentrap…’ Maar kut nat, klit zwellen. Hij knielt, likt tenen, knieën, binnenkant dijen. Koude ruit achter ons, gordijn wappert licht. Iemand op dijk? Fietsbel?
Wilde Neukpartij met Risico op Ontdekking
Hij duwt shirt op, touw kut bloot. Vingers kammen schaamhaar. Tong in spleet, zuigen aan klit. ‘Jezus, je smaakt geil.’ Ik buk, heupen wiegen. Vingers in kontgat, drie in kut. Kom gillend, spuit op zijn kin. Hij staat, broek uit. Pik reusachtig, paars hoofd, aders. ‘Zuigen,’ beveelt hij. Ik slik diep, kokhals, speeksel druipt. Hand pompt, ballen lik.
Hij tilt me op sofa, benen wijd. Pik ramt kut in. ‘Neuk me hard!’ schreeuw ik. Stoot diep, ballen kletsen. Tiet schudden, hij knijpt. ‘Stil, buren horen.’ Maar ik gil: ‘Harder, vull mijn kut!’ Draait me om, hondenstand. Pik in kont? Nee, kut eerst. Vingers in kont, vult. Dubbel gepenetreerd gevoel. Ramen rammelen wind, lichtscheen reverbère. Worden we gezien? Adrenaline knettert. Hij trekt haar, spuit in me. Warm zaad gutst. Ik tril, tweede orgasme.
We zakken in elkaar. Ademhaling zwaar. Chocola koud. ‘Dit blijft geheim,’ mompel ik. Hij knikt, kust voorhoofd. Regen stopt langzaam. Ik kleed, rij weg. Morgen wave ik naar hem over heg. Knipoog, kut tintelt nog. Nu hallo met geheime grijns, wetend hoe zijn pik smaakt. Elke blik vonkt nu.